De eerste stap
Gebruik name om de begroeting Welkom, Sam! op de eerste regel te tonen.
Een wandelapp toont wie er meeloopt en hoeveel kilometer de volgende etappe telt. Losse namen en getallen zijn daarvoor niet genoeg: je wilt er een begrijpelijke zin van maken. Java kan vaste tekst combineren met de waarden die je programma al bewaart.
Het type String gebruik je hier voor tekst. De declaratie String walker = "Noor"; maakt een variabele met de naam walker en de tekstwaarde Noor. Let op de hoofdletter S; die hoort bij de spelling van dit type.
De naam van de variabele staat zonder aanhalingstekens in je code. "walker" betekent juist de letterlijk geschreven tekst walker. Hetzelfde onderscheid geldt bij het tonen: println(walker) leest de bewaarde naam van de wandelaar.
De operator + kan teksten samenvoegen: meerdere delen vormen samen één string. Bij "Hoi, " + walker wordt de vaste begroeting gevolgd door de waarde van walker. De spatie na de komma staat bewust binnen het eerste tekstdeel.
Ook een geheel getal kan aan tekst worden toegevoegd. Java maakt dan een tekstweergave van het getal. De uitdrukking "Afstand: " + distance levert dus een boodschap op die println als één waarde kan tonen.
Er worden bij dit samenvoegen geen extra spaties bedacht. Schrijf een spatie of leesteken zelf op de plek waar de lezer het moet zien. De aanhalingstekens begrenzen ieder vast tekstdeel en worden niet meegetoond.
Je kent + ook als optelling. Welke betekenis de operator hier krijgt, hangt af van de waarden die hij op dat moment combineert. Twee gehele getallen worden opgeteld; zodra een van deze twee kanten tekst is, worden tekstdelen samengevoegd.
Met ronde haakjes kun je aangeven welk onderdeel eerst moet worden uitgerekend. In "Morgen: " + (distance + 2) gebeurt de numerieke optelling binnen de haakjes vóór het samenvoegen met de tekst. Het getal in distance wordt daardoor niet gewijzigd.
Voorspel de begroeting en de afstand van morgen, en voer het voorbeeld uit.
public class Main {
public static void main(String[] args) {
String walker = "Noor";
int distance = 6;
System.out.println("Hoi, " + walker + "!");
System.out.println("Morgen: " + (distance + 2) + " km");
}
}Hoi, Noor! Morgen: 8 km
| Onderdeel | Resultaat bij distance gelijk aan 6 |
|---|---|
distance + 2 | Het getal 8 |
"Morgen: " + (distance + 2) | De tekst Morgen: 8 |
Nog " km" toevoegen | De tekst Morgen: 8 km |
Deze variant laat de haakjes weg. Lees de opeenvolgende +-bewerkingen van links naar rechts en bekijk waarom het resultaat niet acht kilometer is.
public class Main {
public static void main(String[] args) {
int distance = 6;
System.out.println("Morgen: " + distance + 2 + " km");
}
}Morgen: 62 km
Eerst wordt "Morgen: " + distance de tekst Morgen: 6. Die tekst wordt vervolgens gecombineerd met het getal 2, waardoor Morgen: 62 ontstaat. Java heeft geldige code uitgevoerd, maar niet de bedoelde berekening.
De reparatie is de berekening afzonderlijk groeperen: zet distance + 2 tussen haakjes. Je hoeft daarvoor geen getallen in de vaste boodschap te schrijven. Daardoor blijft het programma bruikbaar wanneer de oorspronkelijke afstand later verandert.
De oefening gebruikt een naam en het aantal afgeronde lessen. Maak eerst de begroeting met de waarde van name. Bereken daarna het nummer van de volgende les en voeg die uitkomst aan de gevraagde tekst toe.
Controleer niet alleen het laatste getal. Bekijk ook of de komma, spatie, dubbele punt en het uitroepteken op de juiste plek staan. De checkpoints vergelijken de uiteindelijke regels; ze kunnen daarmee de zichtbare fout uit het voorbeeld herkennen.
Gebruik name om de begroeting Welkom, Sam! op de eerste regel te tonen.
Gebruik lessons om Volgende les: 5 op de tweede regel te tonen. Tel er eerst één bij op.
String bewaart hier tekst; aanhalingstekens onderscheiden vaste tekst van een variabelenaam.+ kan optellen of tekst samenvoegen, afhankelijk van de waarden die het combineert.Je eerste Java-bouwstenen staan. Een volgende module laat je kiezen welke instructies bij een bepaalde situatie passen.
Voer je code uit en ontdek
wat je hebt gemaakt.
Je hoeft het niet in één keer goed te doen. Na het uitvoeren zie je hier welke stappen al kloppen.